Influenza en tetanus bij paarden

Onze paardendierenarts Johan Amez praat u bij over paardengriep en hoe dit te voorkomen.

Influenza (griep) 

Wat
Het paardeninfluenzavirus veroorzaakt een infectie van de bovenste ademhalingswegen en de longen bij gevoelige dieren van alle leeftijden (voornamelijk jonge en oude paarden).

Verspreiding
De virusverspreiding onder paarden gebeurt vooral via direct contact.

"Om die reden zijn verzamelplaatsen dikwijls een belangrijke infectiebron"
Om die reden zijn verzamelplaatsen dikwijls een belangrijke infectiebron. Virusuitscheiding gebeurt snel en via neussecreet tot maximaal 5-6 dagen na de infectie.

Symptomen
Typisch zijn de hoge koorts, suf / verminderde prestaties, weinig eetlust, waterige neusvloei en een droge hoest. Indien bacteriën bij de infectie betrokken zijn, wordt de neusvloei dikker (slijm + etter) en horen we een meer 'rochelende' hoest.
Bij normaal verloop bedraagt de ziekteduur 2 tot 10 dagen. In het geval van bacteriële complicaties kan het de ziekte langer aanhouden.

Behandeling
Een koortsremmer in combinatie met antibiotica gedurende enkele dagen is aangewezen. Daarnaast is rust in een luchtige omgeving (weide) een absolute must.

Preventie
Vaccinatie beschermt paarden tegenover de ziekte, maar niet tegenover infectie. Dit maakt dat gevaccineerde dieren nog altijd een infectiebron kunnen zijn voor gevoelig paarden. Vaccineer dus steeds alle paarden bij u op stal!
De basisvaccinatie bestaat uit twee injecties met 3 tot 12 weken tussentijd. Daarna is een jaarlijkse hervaccinatie voldoende. Enkel bij (internationale) sportpaarden is een 6-maandelijkse hervaccinatie vereist.
Veulens nemen normaal via de biest gedurende 4 tot 6 maanden de nodige antistoffen op. Indien de merrie niet of gedurende de eerste 7 maand van de dracht werd geënt, kan men de basisvaccinatie bij het veulen best starten op 4 maand. Indien de merrie tijdens de laatste 4 maand van de dracht werd geënt, kan men vanaf 6 maand beginnen met de basisvaccinatie.
Voor alle dieren treedt bescherming pas op 2 weken na de basisvaccinatie!


Tetanus (klem)

Wat
Tetanus wordt veroorzaakt door een bacterie genaamd Clostridium Tetani. Deze produceert een neurotoxine welke ervoor zorgt dat de spieren volledig kunnen verkrampen. Alle zoogdieren zijn gevoelig voor deze bacterie, maar de gevoeligheid verschilt evenwel. Zo zijn het paard, schaap en geit zeer gevoelig.

Verspreiding
Een dier met tetanus vormt geen infectiebron voor andere dieren of voor de mens. Het belangrijkste reservoir is de bodem. De infectie treedt dus vooral op bij dieren met een vuile (steek-)wonde of eventueel langs de navel bij pasgeboren veulens.

Symptomen
Gemiddeld genomen zien we symptomen optreden 2 tot 10 dagen na infectie. Typisch voor tetanus is de steeds toenemende stijfheid van de spieren. Vaak begint dit ter hoogte van de kauwspieren, waarna een verdere uitbreiding plaatsvindt. Ook het verschijnen van het derde ooglid (wit vlies thv. binnenste ooghoek) wordt vaak opgemerkt. Sterfte kan optreden door spasmen van ademhalingsspieren.

Behandeling
Een goede wondverzorging en verwijderen van necrotische delen is belangrijk. Daarnaast is een antibioticum-therapie en het toedienen van antitoxines noodzakelijk. Verder dient ervoor gezorgd te worden dat de dieren niet geëxciteerd geraken door ze licht te sederen. Excitatie kan namelijk spasmen uitlokken.
Ook is het belangrijk dat de dieren steeds kunnen blijven eten en drinken.

Preventie
Vaccinatie biedt een goede bescherming. Vaak is deze vaccinatie gecombineerd met Influenza en gelden dezelfde opmerkingen ivm. drachtige merries en hetzelfde vaccinatieschema.
Bij pasgeboren veulens afkomstig van een niet gevaccineerde merrie het toedienen van antitoxines aangewezen zijn. 

Indien uw paard dus een wonde opgelopen heeft, is het steeds belangrijk te weten of de vaccinaties in orde zijn. 


Wilt u meer informatie? Mail naar dierenarts@daphorst.com