De basis voor een goed vleesvarken wordt gelegd tijdens en na het werpen.
"Tender, love en care in de kraamstal is van groot belang."
Tender, love en care in de kraamstal is van groot belang.
Het big in de kraamstal
Zeugen in een goede werpconditie, niet te mager of te vet (spekdikte meting), hebben een vlot geboorteverloop, waardoor de biggen snel actief zijn, de levensfuncties, bloedsomloop, ademhaling en temperatuurregulatie optimaal werken. Dit zijn basisvoorwaarden voor het big om snel en veel biest op te kunnen nemen.
Het spreekt vanzelf dat de omgevingsomstandigheden mede bepalend zijn voor een goede start van het big. Elke varkenshouder (m/v) weet dat het biggennest 34ºC moet zijn, maar in de praktijk wordt hiertegen nog al eens gezondigd. Vloerverwarmingssystemen die onvoldoende of geheel niet op temperatuur zijn, komen regelmatig in de praktijk voor.
Het gebruik van strooisel (stal dry) in het biggennest wordt soms vergeten of onvoldoende gebruikt. Warmtelampen moeten gedeeld worden, tomen worden steeds groter en passen niet in het biggennest. Daarom is het zeer belangrijk om voldoende aanvullende warmte aan de biggen te geven dus 1 warmtelamp per toom. Kraamstalmanagement is sterk bepalend voor het resultaat in de vleesvarkenshouderij. Ongeacht welk systeem (week-meerweken) een strakke organisatie is een MUST.
Toezicht tijdens het werpen door kwaliteits personeel loont dus “investeer in deze arbeidskrachten”. Efficiënt gebruik maken van deze arbeidskrachten is mogelijk door synchronisatie van de worpen. Mijn inziens worden bepaalde verschijnselen (slappe biggen, doodgeboorten, weinig melk) te pas en te onpas toegeschreven aan worpsynchronisatie zonder dat er gedegen onderzoek wordt gedaan naar de werkelijke oorzaak. Door het bepalen van de gemiddelde drachtlengte (kruising/bedrijf) is het optimale tijdstip voor het toedienen van prostaglandinen te bepalen. Toedieningsplaats (hals, kling) en hoeveelheid zijn bepalend voor het succes. Zeugenmanagementdata, fokkerij en dierenarts kunnen zorgen voor een synchronisatie op maat.
De voortgang van de geboorte, het verzorgen van de pasgeboren biggen en zeer belangrijk het controleren en verzorgen van de kraamzeug (water, voer, behandelingen) zijn cruciaal voor een goede start van het big en essentieel voor de afgifte en opname van biest. Onrust en pijn bij de zeug tijdens en na de geboorte verstoren de biestopname van de biggen en het is absolute noodzaak noodzaak om dit te voorkomen. Kraamverzorger u weet wat u moet doen. Rustgevende muziek (Mozart), kalmerende middelen en pijnstilling zijn de “tools” om te gebruiken.
Biestopname en weerstand
Wanneer de biggen een optimale start hebben gekregen zoals in het voorgaande is aangegeven kunnen zij biest gaan drinken. Biest bevat vele belangrijke stoffen voor het pasgeboren big waaronder antistoffen tegen bepaalde ziekteverwekkers. Biggen hebben deze antistoffen hard nodig omdat ze vrijwel zonder worden geboren. Biest is zeker 36 uur beschikbaar, maar (!) de hoogste concentratie aan antistoffen is beschikbaar in de eerste 2 uur na het werpen en daarna neemt deze (snel) af. Biest is altijd voorradig en de biggen kunnen deze continu opnemen als ze dat willen.
Biest van de eigen moeder is het beste en wij moeten er voor zorgen dat de tomen zeker 24 uur bij de eigen moeder biest op kunnen nemen (calamiteiten uitgezonderd). Bij grote tomen is “split suckling” de manier om alle biggen zoveel mogelijk biest op te laten nemen. Het vergt wel extra arbeid (2x opsluiten deel v/d biggen) maar dit betaalt zich later terug.
Energie opname is nodig om actief te kunnen blijven drinken. Zo zijn er diverse energy boosters op de markt die als extra energie voorziening aan de biggen toegediend kunnen worden. Zeker voor de zwakkere biggen zijn deze producten van groot belang om te zorgen dat ze actief blijven drinken (biest/melk).
Antistoffen of ook wel antilichamen genoemd zijn van levensbelang voor de gezondheid van het big. Antistoffen afkomstig uit de biest zijn gemaakt door de zeug en gericht tegen bepaalde ziekte verwekkers. Deze ziekteverwekkers kunnen op natuurlijke wijze in contact zijn gekomen met de zeug of via een onnatuurlijke de zogenaamde vaccinatie. Het zal duidelijk zijn dat er vele ziekteverwekkers in de natuur voorkomen en dat slechts een deel daarvan bekend is.Dat wil zeggen dat alleen tegen bekende ziekteverwekkers gevaccineerd kan worden en zelfs niet tegen allen, maar ook dat er in de biest antistoffen voorkomen tegen nog onbekende ziekten die wel het big ziek kunnen maken. Dus om die reden is biest absoluut nodig.
Onlangs is maar weer eens gebleken hoe belangrijk het is om vast te houden aan bepaalde vaccinaties en schema’s. Door onduidelijke reden was men op een VM-bedrijf gestopt met het vaccineren van de oudere worps zeugen tegen E. coli geboortediarree. Dit is lange tijd goed gegaan, maar opeens was er een grote uitbraak van geboorte diarree met name bij tomen van oudere worps zeugen. Na onderzoek in het daplab bleek de oorzaak neonatale coli diarree en hebben wij door snel de zeugen te vaccineren het diarree probleem onder controle gekregen.
Meer en meer worden er vaccinaties ingezet om het pasgeboren big te beschermen en het zal duidelijk zijn dat als u investeert in preventieve gezondheidszorg d.m.v. vaccinatie van de zeugen, u ook moet zorgen dat deze investering rendeert. Dus maximaal biestopnamemanagement.
1 dag oud en dan?
Overleggen van biggen waarom en hoe? Probeer altijd zoveel mogelijk biggen bij de eigen moeder groot te brengen. 14 biggen per zeug moet mogelijk zijn. Streef naar maximale melkgift (water, voer, ondersteunende behandelingen).
Aanvullende preparaten zoals kunstmelk, Cola, etc. zorgen ervoor dat er meer biggen bij de eigen moeder kunnen blijven. Probeer geen kansloze biggen ten koste van alles in leven te houden.
Bij het overleggen van biggen zijn er diverse mogelijkheden:
- Biggen bij 2e t/m 4e worpszeugen leggen maar vraag is: welke biggen en welke zeug?
- Kies zeugen die in een voorgaande worp zeker 12 goede biggen hebben gespeend. Noteer b.v. 12 G op de kaart.
- Neem je de kleinere biggen of juist de zwaarste?
Het lijkt logisch om de zwaardere biggen over te leggen omdat deze kunnen zich bij de nieuwe moeder beter handhaven.Maar is dit wel zo logisch? Wanneer je kiest om de mindere biggen over te leggen heb je meer werk om zo’n mengtoom aan de gang te krijgen, maar de zwaardere biggen blijven bij hun eigen moeder en doen het dus uitstekend. Kortom kwaliteit blijft behouden. Hoe zwaarder bij het spenen, hoe beter de prestaties als vleesvarken.
Overleggen is mengen. 1 big overgelegd is 1 mengtoom en in mengtomen worden ziekteverwekkers uitgewisseld. Ga hier dus zeer terughoudend mee om en maak zeker niet meer mengtomen dan strikt noodzakelijk. Beter een mengtoom bij een pleegmoeder dan overal een of meer biggen bij te leggen.
"Dus bezint voor ge overlegt én maak mengtomen zichtbaar."
Dus bezint voor ge overlegt én maak mengtomen zichtbaar.
Door een kleuraanduiding van de mengtomen zie je snel waar extra aandacht/verzorging en hygiene vereist is. Ook bij het spenen en plaatsen in de speenstal kan rekening worden gehouden met deze mengtomen. Bijvoorbeeld apart verplaatsen en in aparte hokken.
Op deze manier kunnen deze biggen extra ondersteund worden met voer en/of behandelingen zonder dat de hele koppel behandeld hoeft te worden. Denk hierbij ook aan het verantwoord antibiotica gebruik.
Tender, Love en Care
Ter afsluiting kan ik u verzekeren dat wanneer u samen met uw adviseurs (dierenarts, voorlichter) investeert in Tender, love en care (TLC), uw biggen een powerstart krijgen wat de basis vormt voor een kwaliteits big c.q. vleesvarken.
Cees Veldman, dierenarts varkens, preview artikel Varkensbedrijf
Uw reactie op dit artikel.
Geef uw eigen reactie door hier te klikkenVrijdag 15 Oktober 2010Jos Jenniskens
Hallo Cees,
Afgezien van Mozart kan ik me wel vinden in jouw aanbevelingen. Vooral de vaccinatie's doen het goed.
Ik hou het bij radio 2.
Groeten Jos.