Het varkensteam van DAP Horst e.o. feliciteert de Nederlandse varkenshouderij.
"De Nederlandse varkenshouderij heeft de Deense varkenshouderij van de eerste plaats verdrongen"
De Nederlandse varkenshouderij heeft de Deense varkenshouderij van de eerste plaats verdrongen bij de productiviteit. Dat stelt de Deense bedrijfsadviesorganisatie Dansk Svineproduktion vast in een rapport.

Volgens het rapport over de internationale concurrentiepositie van de bedrijfstak produceert een Deense zeug gemiddeld 24,5 vleesvarkens per jaar. Het overeenkomstige cijfer voor Nederland is 24,7. De uitval in de Deense biggenproductie is hoger. Van de gespeende biggen sterft 3,1 procent. In Nederland 1,9 procent.
Het aantal gespeende biggen per zeug per jaar blijft gemiddeld bekeken in Denemarken tot dusver hoger, namelijk 26,4. Voor Nederland is het gemiddelde 25,8. De sterfte onder de Deense zeugen is verder aanzienlijk hoger dan in Nederland, namelijk 15 procent tegen 5 procent.
Dansk Svineproduktion vergelijkt in totaal veertien landen, waarvan drie buiten West-Europa, namelijk Brazilië, Canada en de USA. In deze landen is het aantal geproduceerde vleesvarkens per zeug per jaar respectievelijk 22,2, 20,2 en 19,8. De Franse varkenshouderij komt met 23 vleesvarkens op de derde plaats.
Graag vernemen wij van u waarom ù denkt dat de Nederlandse varkenshouders nu toonaangevend zijn: dierenarts@daphorst.com.*30-11-08 reactie varkenshouder J.J. uit Horst: "Ik denk dat de Nederlandse varkenshouderij nu Denemarken is gepasseerd, omdat:wij in Nederland de zaken steeds professioneler aanpakken, concentreren ons op één vakgebied met grotere aantallen per bedrijf.
Tel daarbij op de bereidheid om van elkaar te leren, de vooruitgang op voergebied en in de fokkerij die minder
versnipperd is als voorheen en tenslotte de veterinaire begeleiding die steeds meer preventief werkt (enten)
zodat je niet meer achter de feiten (ziektes en uitval ) aanloopt"
.
