Varkensbedrijf I Witte varkens

door Robin Holle, varkensdierenarts DAP Horst I publicatie Varkensbedrijf september 2008

“Ze kijken wat bleker” of “Alles kijkt goed, maar er zijn te veel witte”; het lijkt wel of je deze termen de laatste tijd meer hoort.

Inleiding
Over het algemeen loopt het nu behoorlijk soepel in de stallen. De ziektedruk is laag (uitzonderingen daargelaten) en met de huidige managementmaatregelen zijn incidenten goed op te vangen. Toch zijn de resultaten niet altijd maximaal, zeker niet bij de vleesvarkens. Bij de maandelijkse begeleidingsronde van voorlichter en dierenarts valt op de vleesvarkensbedrijven vaker de term dat er te veel witte/bleke aanwezig zijn. Wat is nu de betekenis van deze opmerking en heeft deze constatering een toegevoegde waarde? Daarover in dit artikel enige achtergrond informatie en een kort overzicht van enkele oorzaken van bleekheid bij varkens zonder andere ziekteverschijnselen.

De varkenshuid

"De varkenshuid lijkt veel op de mensenhuid"
De varkenshuid lijkt veel op de mensenhuid. Vanwege die gelijkenis wordt de varkenshuid veel gebruikt om meer te weten te komen over de eigenschappen van de mensenhuid. Met name bij het beoordelen van de reactie op verwondingen, hechtmateriaal, brandwonden en projectielinslagen is de varkenshuid een goede indicator voor hoe de mensenhuid daarop reageert. De huid van een varken bestaat uit 3 lagen met daarop haargroei. Door de geringe beharing is de huid relatief dik bij mens en varken. Bij de geboorte van een big maakt de huid en onderhuid 10-12% uit van het gewicht van het varken. Als een varken volwassen is, is dit nog maar zo’n 6%. De onderhuid bevat vet en zorgt voor de samenhang van het weefsel. De huid is niet overal even dik; zo is de huid op de rug van een varken dikker en meer behaard dan op de buik. De berenhuid heeft een dikker “schild” op de schouders en de ribben, zodat een beer zich niet zo gauw beschadigd bij het vechten.
De beharing van het varken neemt af met de leeftijd. Een varken van 1 maand heeft 119 haren per cm², een varken van 4 maanden 29 haren en een varken van 20 maanden 10 haren per cm² . De haren worden ook langer en zwaarder met het toenemen van de leeftijd. Wilde varkens hebben 2x zo veel haren dan de gedomesticeerde varkens. De normale haar- en huidgroei vragen zo’n 25-30% van de basale dagelijkse eiwitbehoefte van een varken. Tekorten aan of mindere benutting van voedingscomponenten reflecteren zich dan ook tamelijk gauw in o.a. de kleur en glans van huid en haar.
Met name bij varkens van rassen met een van oorsprong pigmentloze huid is de kleur van de huid een goede indicator bij de beoordeling van de gezondheid van de varkens. Deze kleur kan variëren van papierwit (inwendige bloedingen, ijzergebrek, shock) tot rood (bij koorts) en vuurrood (zonnebrand). Blauwe of zwarte lichaamsuiteinden (oren, staart, klauwen, snoet) kunnen wijzen op bloedvergiftiging of circulatiestoornissen door bepaalde kiemen. Verkleuringen van de huid zijn dus meestal het gevolg van processen elders in het lichaam en hangen o.a. samen met de hoeveelheid bloed die door de huid stroomt.

Huidskleur tov de andere varkens
Nu is het niet altijd even eenvoudig om de kleur van het varken aan te geven. Deze hangt namelijk sterk af van de omstandigheden waaronder het varken is gehuisvest. Zeker in de vleesvarkensstallen waarin sprake is van hokbevuiling (“bolle vloeren”) is de huidskleur lastig te beoordelen. Ook de kleur van de aanwezige TL-verlichting is van grote invloed op de interpretatie van de varkenskleur. Varkens moeten volgens de Europese regelegeving gehouden worden bij minimaal 8 uur 40 Lux (voldoende licht om de krant te lezen). Bekend is het verschil in kleur van de varkens bij gloeilamp- en TL-verlichting. Bij de nieuwe verlichtingsvorm, de zgn. LED-verlichting geldt weer een andere kleurbeleving. Het belangrijkste van de kleurbeoordeling van de varkens zelf is dan ook de onderlinge verschillen tussen de varkens te bekijken. Lichte verschillen zijn er altijd, maar met name te witte varkens binnen de koppel geven aan dat er mogelijk iets mis is. Beoordeel de kleur dan ook altijd in vergelijking met de andere varkens. Dit is vaak duidelijk in de kraamstal; die biggen die geen ijzer hebben gehad, zien na enkele dagen eng wit. Deze biggen simpelweg naspuiten met een ijzerpreparaat, maar vooral ook de oorzaak van het ontbreken van de ijzerinjectie wegnemen levert al gauw rendement op. Bij de vleesvarkens is de kleurbeoordeling lastiger en vaak een kwestie van ervaring en er regelmatig bij stil staan.
Het gaat er dus om te beoordelen of alle varkens een egale bleekroze kleur hebben. Zo niet, dan turven we de afwijkers en beoordelen de mate van wit-(bleek-)heid. Door dit regelmatig te doen en met elkaar te bespreken (varkenshouder, voorlichter, dierenarts) ontstaat er een wat meer onderbouwd gevoel voor de kleur van de varkenskoppels op het bedrijf. Indien er te veel witte varkens worden geconstateerd, dan willen we natuurlijk graag weten waar dit vandaan komt.

Oorzaken witte varkens
Een veelkomende oorzaak van het bleek worden van een varken is een maagbloeding. Zo’n 75% van de varkens heeft een beschadiging van de maagwand. Indien bij deze beschadiging een bloedvat betrokken raakt kan een varken verbloeden in de maag. Vaak wordt er echter beperkt bloed verloren en dit worden bleke varkens. De oorzaken van een maagbloeding zijn gelegen in stress (o.a. overbezetting) en de voeding. Te fijn gemalen voer, te weinig vitamine E/Selenium, een te laag ruwe celstof-% en onvrijwillig vasten zijn van invloed. De rol van de veelgenoemde Helicobacter bacterie is nooit bewezen.
Ook infecties die de bloedsomloop beïnvloeden kunnen witte varkens geven. Heel duidelijk is dit bij harteklep-ontstekingen door de Streptococ. Deze zogenaamde bloemkolen op de hartekleppen gaan vaak gepaard met een bleekheid van de huid. Deze Streptococcenbesmettingen worden steeds meer voorkomen door preventieve managementmaatregelen en betreffen vaak individuele gevallen binnen de koppel.
Een andere infectieuze aandoening die witte varkens geeft is de veel gevreesde wegkwijnziekte. Vaak is één van de eerste verschijnselen bij de aangetaste varkens de witheid, maar al gauw zien we het gehele varken terugvallen en gaan slijten. Dat het PCV2-virus (Circo) hierbij een veel grotere rol speelt dan eerder gedacht, bewijzen de resultaten van de Circo-vaccinatie in het buitenland en nu ook in Nederland wel.

Wormen en voer
Witte varkens door tekorten in de voeding worden anno 2008 weinig meer gezien. Wel kan er sprake zijn van grauwe varkens bijvoorbeeld bij brijvoer van mindere kwaliteit. Een varken heeft veel smaakpapillen (3x meer dan uzelf) en eet graag zuur en zoet (wij ook, Cola met een pH van <2). Als een varken een niet zoet voer met een te lage pH krijgt voorgeschoteld dan wordt de voeropname al gauw minder. Een te hoog mineralengehalte (bijv. Natrium of Kalium) kan dunne mest geven. Als dit langer aanhoudt dan uit zich dat ook in grauwheid.
Er is nog een aantal oorzaken die als bijverschijnsel witheid van het varken geeft, maar niet een hoofdoorzaak is. Zo kan het langdurig verstrekken van het antibioticum Trimthoprimsulfa bloedarmoede geven. Aspirine (Nasalicylaat) kan bij langdurige verstrekking leiden tot maagbloedingen. Spoelwormbesmettingen bij het varken kunnen als bijverschijnsel ook witheid geven, maar mogen tegenwoordig eigenlijk geen probleem meer zijn. Er zijn goed werkende ontwormingsmiddelen op de markt en een consequente aanpak staat garant voor een minimaal besmettingspercentage.

PIA
Bovenaan de lijst met oorzaken van witte varkens zonder ziekteverschijnselen staat PIA. Deze darmaandoening Porcine Intestinale Adenomatose, kortweg PIA, veroorzaakt veel schade in de varkenshouderij. De schade komt vooral tot uiting in tegenvallende groei, verhoogde voederconversie en hogere uitval. De acute vorm wordt vaak gezien bij stress (laden kop, uitleveren gelten, overbezetting) en is zeer herkenbaar door de acute uitval en zwarte mest. De zwartheid van de mest wordt veroorzaakt doordat de mest geen mest meer is maar puur bloed (stank). Niet alle zwarte mest wordt overigens veroorzaakt door PIA, het voeren van bijv. ei-producten geeft een zelfde mestkleur. De subklinische vorm is op veel bedrijven aanwezig (70-90%?). Hierbij is geen sprake van zwarte mest, maar wel van darmwandbeschadiging op de overgang van de dunne naar de dikke darm. Binnen de besmette koppels heeft zo’n 30% van de varkens de kiem. Deze varkens groeien minder, terwijl de overige 70% prima groeit. Als je dan ook deze vorm van PIA aanpakt middels gerichte medicatie zie je vaak dat de voorlopers niet beter gaan groeien maar dat er minder restvarkens overblijven bij leveren. Het terugdringen van deze kiem door anders voeren blijkt lastig; we weten niet wat in het voer het mogelijk maakt dat deze kiem zich kan ontwikkelen. Opvallend is wel dat op brijbedrijven minder antistoffen tegen PIA worden gevonden. Is dit door de lage pH, het niet onbeperkt beschikbaar zijn van voer, de combinatie of een andere factor? Gezien het belang van PIA in de huidige varkenshouderij zullen er ongetwijfeld antwoorden komen op deze vragen.

Varkens zien meer dan wij
Onze ervaring is dat regelmatig stil staan bij de kleur van de varkens van toegevoegde waarde is voor de klinische beoordeling van de varkens. Deze klinische beoordeling (Wat zie ik aan de varkens?) is nog altijd van groot belang voor het verbeteren van de gezondheid van uw varkens. Blijf kijken en beoordelen en bespreek dit regelmatig met uw adviseurs zodat het team weet wat er op uw bedrijf speelt.
Wist u overigens dat het blikveld van een varken 310° is, veel groter dan dat van de mens…